Overzicht  |  Zoeken  |  Archief


Agro-Attent

Leermakers
Vrijthof 25
5081 CB Hilvarenbeek
(013) 505 29 71
info@leermakersacc.nl

           
Overzicht
Archief
Aanmelden op mailing

Zoektekst
Categorie

Titel: Uw bouwplan en het toekomstige GLB-beleid
Datum: 04-10-2012
Categorie:
 
Voorgestelde vergroeningsvoorwaarden voor ontvangen inkomenssteun zijn nu al van belang voor vaststelling bouwplan.
 
Volledig verhaal

Volgens de voorstellen voor het toekomstige landbouwbeleid van de EG (GLB-beleid) vervallen in 2014 de huidige toeslagrechten en worden deze vervangen door nieuwe toeslagrechten. De premie zal dan gaan bestaan uit een basispremie (€ 275 tot € 300 per hectare) en een zogenaamde vergroeningstoeslag (circa € 125 per hectare).

Om in aanmerking te komen voor zowel de basispremie als de vergroeningstoeslag gelden een aantal  vergroeningsvoorwaarden. Deze voorwaarden, die direct van invloed zijn op het bouwplan, zijn:

  • Het areaal blijvend grasland moet in stand worden gehouden. De definitie van ‘blijvend’ is nog onderdeel van discussie.
  • Op bouwland zullen minstens drie verschillende gewassen moeten worden geteeld (gewasdiversificatie). Een gewas mag maximaal 70% van het bouwlandoppervlak beslaan en geen enkel van deze drie gewassen mag minder dan 5% beslaan. Tijdelijk grasland lijkt te gaan meetellen als een teelt in het kader van gewasdiversificatie.
  • Op het bouwland zal 7% van het oppervlak bestemd moeten zijn voor ecologisch aandachtsgebied, waarop geen agrarische productie plaatsvindt. Het is nog niet duidelijk welke eisen hieraan worden gesteld. Mogelijk tellen sommige landschapselementen of bufferstroken hierin mee. Dit zou grond kunnen zijn die op dit moment in het geheel niet wordt opgegeven.

Als men niet voldoet aan de vergroeningsvoorwaarden, ontvangt men volgens de huidige voorstellen ook geen basispremie. Biologische boeren en tuinders en bedrijven met alleen blijvend grasland komen automatisch in aanmerking voor de basispremie en de vergroeningstoeslag.

Hoewel de voorstellen nog niet definitief zijn, kan het toch al van belang zijn om nu al op de voorstellen in te spelen. Door het toepassen van vruchtwisseling voor of in 2014 kunt u mogelijk – afhankelijk van de nog vast te stellen definitie – bewerkstelligen dat een kleiner areaal als blijvend grasland wordt gezien. Dit kan in de toekomst meer mogelijkheden bieden tot vruchtwisseling.

Echter een groter areaal tijdelijk grasland – wat dus als bouwland wordt beschouwd – betekent dat u vanaf  2014 een grotere oppervlakte zult moeten bestemmen voor ecologisch aandachtsgebied. Daarop mag dus geen agrarische productie plaatsvinden. Tevens is de kans aanwezig dat deze grond niet meegeteld mag worden als mestplaatsingsruimte.

Indien het grasland volledig uit tijdelijk grasland bestaat, leidt dit er zelfs toe dat niet meer voldaan wordt aan de (huidige) voorwaarden voor toepassing van derogatie. Immers op bouwland mag het grootste gewas maximaal 70% van de oppervlakte bedragen, terwijl men voor derogatie juist over minimaal 70% grasland moet beschikken.

 
Printer vriendelijke pagina